DAAD-docente Nicole Colin over engagement, mentaliteit en economisering

‘Toegankelijkheid van de universiteit leidt tot een bepaalde nivellering’

Thomas Smits en Clara van de Wiel – De opleiding Geschiedenis aan de UvA heeft al jaren een bijzondere verhouding met Duitsland. Naast de nauwe samenwerking met het Duitsland Instituut en de speciale masterrichting Duitslandstudies, is bovendien sinds een aantal jaren een zogenaamde DAAD Fach-lektor actief in het daadwerkelijke onderwijs. De DAAD (Deutscher Akademischer Austauch Dienst) leent hiermee een academische docent uit aan een buitenlandse universiteit om onderwijs over Duitsland te stimuleren en te verdiepen. Sinds september 2009 is dit dr. Nicole Colin, die reeds aan Duitse en Franse universiteiten actief was en nu voor drie jaar de genoemde functie in Amsterdam zal vervullen. Eindeloos vroeg haar de landen te vergelijken: is het met academisch klimaat Nederland werkelijk zo belabberd gesteld als wij allen denken?

In Nederland is de laatste tijd veel discussie over het, ten slechte, veranderde academische klimaat. Het verwijt dat de universiteit steeds meer op het HBO gaat lijken is vaak te horen. Hoe is de situatie in de landen waar u ook heeft lesgegeven?

In Duitsland hoor je ook veel mensen zeggen dat de universiteit steeds meer op de Hochschulen begint te lijken en er sprake is van een zogenaamde Fachhochschulisierung Ik denk dat het vooral te maken heeft met een opvatting over de toegankelijkheid van het universitaire onderwijs: of de universiteit open moet staan voor zoveel mogelijk studenten, of alleen voor studenten met een bepaald niveau. Het is een wisselwerking. In het federale systeem van Duitsland heeft Beieren de beste eindexamenresultaten, maar aan de andere kant zijn er maar zeer weinig studenten die überhaupt een diploma dat universitair onderwijs mogelijk maakt behalen. In Frankrijk heeft men het doel om tachtig procent van alle scholieren een diploma dat toegang verschaft tot het universitair onderwijs te laten behalen. Dat is natuurlijk heel mooi, maar het niveau is daardoor wel veel lager. Toegankelijkheid van de universiteit, en eigenlijk geldt dit voor het hele onderwijssysteem, leidt vaak tot een bepaalde nivellering.

Dat is een interessant punt. In Frankrijk betekent de nivellering van de middelbare school en de universiteit bijvoorbeeld dat alle echt goede studenten na hun middelbare school allerlei verschillende vooropleidingen moeten doen. Eigenlijk is die toegankelijkheid dus ook slechts schijn.

Dat klopt. Goede studenten volgen in Frankrijk na hun middelbare school een soort vooropleiding, de zogenaamde classe preparatoire. Deze bereiden studenten niet voor op de universiteit maar op grandes écoles, een soort elite-universiteiten. Het probleem is dat op de normale universiteiten dus in de eerste paar jaar mensen zitten die er eigenlijk niet thuishoren, wat het niveau van de universiteit sterk naar beneden haalt.

Wat is de invloed van deze verschillen op het zogenaamde ‘academische klimaat’ in de genoemde landen?

Er zijn grote mentaliteitsverschillen, die inderdaad vooral gekleurd worden door de verschillende schoolsystemen. De Franse studenten zijn erg op het pure leren van feiten georiënteerd, iets wat ook in het middelbare onderwijs centraal staat. De verhoudingen zijn er bovendien veel hiërarchischer: er is veel minder communicatie tussen docenten en studenten dan in bijvoorbeeld Nederland. De Franse studenten worden, bewust, erg onzelfstandig gehouden. De Nederlandse studenten daarentegen zijn erg initiatiefrijk en zelfstandig.

Is initiatiefrijk en zelfstandig altijd positief of ziet u ook voordelen van het Franse systeem?

Het is toe te juichen als studenten zich als echte kritische intellectuelen ontwikkelen. Wellicht is een combinatie van beide het beste. Dat betekent goed je mening kunnen verkondigen en je eigen weg kiezen, maar wel op basis van voldoende kennis. Ik mis die bredere interesse wel bij de Nederlandse student. De relatie tussen docenten en studenten lijkt hier soms een beetje op een dienstovereenkomst: ik voldoe als student aan een aantal eisen en dan geef jij mij een diploma. Terwijl het daar eigenlijk niet om zou mogen gaan: studeren betekent ook dat je een persoonlijke ontwikkeling doormaakt.

Heeft dit te maken met  de economisering van de universiteit?

Ja. Ik denk trouwens dat dit niet alleen aan de studenten ligt, maar ook het veranderde universitair systeem en de financiering van universiteiten. Hierdoor gaan studenten hun opleiding steeds meer als een soort product zien en vergeten ze hun eigen bredere rol in de maatschappij: dat ze, door de opleiding die ze mogen volgen, ook een zekere verantwoordelijkheid hebben.

Vindt u dat studenten, als groep, meer van zich zouden moeten laten horen?

Jazeker, en dat ze zich daarbij ook niet slechts moeten bezighouden met dingen waar ze alleen zelf last van hebben. De laatste, grote, studentendemonstratie in Frankrijk, waarbij studenten de universiteiten bijna een heel semester hebben stilgelegd, ging bijvoorbeeld over een arbeidsregeling. Daardoor zou het voor werkgevers makkelijker worden studenten zonder diploma aan te nemen en vervolgens weer te ontslaan. Toen ik daar met studenten over discussieerde, merkte ik dat ze eigenlijk helemaal niet hadden nagedacht over het hele vraagstuk. Ik vond het erg raar dat de Franse studenten wel demonstreerden over deze relatief kleine, en misschien zelfs wel zinvolle maatregel, maar dat je ze niet hoorde toen vorige week Le Pen bijna 25% van de stemmen kreeg bij de regionale verkiezingen. In Nederland bestaat bijvoorbeeld nu de mogelijkheid dat een rechts-radicale partij bij de volgende verkiezingen aan de macht komt. Ik vind dat de studenten hier maar weinig van zich laten horen. Het lijkt soms of ze zich er eigenlijk niet voor interesseren. Ze vinden zichzelf allemaal erg  open en niet-racistisch en stellen daarmee dat het hun probleem dus eigenlijk niet is. Ze keren zich daarmee in een zekere zin af van de problemen die spelen.

Wat zou de universiteit kunnen doen om die ‘lamlendigheid’ te verminderen?

Juist de genoemde economisering werkt een dergelijke houding in de hand. Het curriculum ligt zo vast dat er weinig mogelijkheden zijn voor verdieping en het ontdekken van een bredere interesse.  Ik denk dat het goed zou zijn als studenten de kans krijgen en verplicht worden om zich ook persoonlijk te ontwikkelen in hun vak. In Bielefeld, waar ik lesgegeven heb, denken ze er bijvoorbeeld over na om alle studenten geesteswetenschappen een semester verplicht helemaal zelf te laten invullen. Misschien moeten we de studenten wel verplichten wat meer vrij te zijn!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s