Tagarchief: Clara van de Wiel

Grote woorden voor een klein idee

Met een mooi kaftje eromheen!!

Jonge Historici Schrijven SEKS

Wie herinnert zich niet de tomeloze begeestering van de oud-docent oudheid? Van Royen is vastbesloten om deze geestdrift niet te laten beteugelen, al helemaal niet door zijn verplichte pensioen van vorig jaar. Een cursus ‘Iedereen kan Klassieke Talen’? Hij gaat er voor. Iets komen vertellen in De wereld draait door? Hoera! Met zijn meest recente project betreedt de geliefde docent echter het grijze gebied tussen gezellige megalomanie en onwelkome krankzinnigheid.

Glunderend stonden ze op een podium: Van Royen en een groepje studenten en oud-studenten met een goed gevoel voor PR. En ze glunderden met recht, daar er zojuist een filmpje aan de redelijk gevulde CREA-zaal was getoond dat, zowel qua spanning en sensatie als qua historische clichés en onnauwkeurigheden, Oscar-waardig was. De oprichting van Jonge Historici Schrijven Geschiedenis was een feit. René van Royen jubelde dat zich een revolutie had voltrokken: veel meer dan een clubje studenten dat scripties voor de vergetelheid behoedt, was hiermee de eerste online uitgeverij uitgevonden. De Jonge Historici maakten ook buiten hun vaste ‘Web 2.0 omgeving’ Facebook furore en veroverden dankzij mediakanon Geerten Waling – naast de kolommen van Het Parool, een interview op Radio 2 en een eervolle vermelding in De Volkskrant – zélfs een stukje in kwaliteitsblad Babel. Lees verder

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder opinie

Afscheidsinterview Herman Beliën

‘Bij reizen en kleine werkgroepen was ik op mijn menselijkst’ – Herman Beliën blikt terug op vierenveertig jaar aan de UvA

Clara van de Wiel – Het kost enige moeite Herman Beliën zover te krijgen zich nog eenmaal te laten interviewen. Eigenlijk is alles onderhand wel een keer gezegd, zo voert hij zelf aan. Na het nodige aandringen -en een verrassingsaanval op het terras van Scheltema- gaat hij echter overstag en mag Eindeloos langskomen op zijn kamer aan de Spuistraat 134. En gelukkig maar, want het volgend jaar zal het een stuk moeilijker worden om Herman Beliën in het wild te treffen aan de faculteit. De geliefde en gevreesde, gevierde en verguisde docent Nieuwste Geschiedenis en Amerikanistiek gaat binnenkort met pensioen, en dit speciale Herman Beliën Zomernummer van Eindeloos is natuurlijk niet compleet zonder een terugblik van de Schoolmeester des Vaderlands zelf.

De opleiding geschiedenis is na vierenveertig jaar bijna ondenkbaar geworden zonder uw aanwezigheid. Hoe bent u hier destijds verzeild geraakt?

‘Toen ik in 1964 kwam studeren waren er welgeteld achttien eerstejaars geschiedenis, tegen wie meteen werd gezegd dat ze sowieso geen werk zouden vinden. Dat kon mij natuurlijk niks schelen en eigenlijk wilde ik het liefst leraar worden in Barneveld of iets dergelijks. Maar al tijdens mijn studie werd ik door hoogleraar Oude Geschiedenis Bram Breebaart gevraagd of ik zijn kandidaatsassistent wilde worden. Ik moest daar zelf maar zo’n beetje verzinnen wat ik zou gaan doen, en aangezien de boeken van Oude Geschiedenis op dat ogenblik op volslagen onoverzichtelijke manier gesorteerd waren op datum van binnenkomst ben ik ze maar eens op onderwerp neer gaan zetten. In die boeken staat nu trouwens nog steeds in mijn handschrift het nummer dat ik ze heb gegeven genoteerd. Dat was in dat doodverlaten gebouw van Oude Geschiedenis aan de Weesperzijde en het meest sensationele dat ik daar ooit heb meegemaakt is dat er met een enorme knal een tram rechtdoor de gevel van het naastgelegen pand in was gereden. Bij ons was helaas niks stuk, maar dat was wel zo’n beetje het hoogtepunt van mijn assistentschap. Toen ik afstudeerde in 1969 was het aantal eerstejaars plotseling gegroeid naar tachtig en moest er natuurlijk personeel komen. En aangezien ik toch al leraar wilde worden heb ik het maar gedaan, toen ze me in dat jaar vroegen docent bij Oude Geschiedenis te worden.”

Lees verder

2 reacties

Opgeslagen onder interview