Maandelijks archief: december 2014

Santa Claus: De veramerikanisering van Sint Nicolaas

Ciska Schippers – Sinterklaas heeft ons land inmiddels verlaten – jullie hebben de eerste kerstnummers op SkyRadio al langs horen komen en is er vast een buurman die de kerstboom al heeft staan. Dat betekent ook de intrede van de Kerstman, oftewel Santa Claus. Op het eerste gezicht lijken beide heren niet zo op elkaar: Sinterklaas is een statige man op een paard, terwijl de Kerstman een goedlachse dikkerd is die in een slee zich laat rondrijden. Maar er zijn ook tal van overeenkomsten, zo hebben ze allebei een baard, een voorkeur voor rode kledij en belangrijkst van allemaal: ze brengen cadeaus. En die overeenkomsten zijn niet zo gek, want Sinterklaas en de Kerstman zijn natuurlijk broeders. Sterker nog, Santa Claus is eigenlijk een veramerikaniseerde Sinterklaas, meegebracht door immigranten uit Nederland naar de Nieuwe Wereld.

Alle geschiedenisliefhebbers kennen natuurlijk de achtergrond van Sint Nicolaas, een bisschop uit de vierde eeuw uit Myra, Lycië, het gebied dat nu Turkije is. Hij werd de beschermheilige voor onder andere kinderen en zeelieden. Dankzij verhalen over zijn giften aan kinderen ontstond in de 13e eeuw de traditie om zijn naamdag op 6 december te gaan vieren. Toen Nederlanders in de 17e eeuw emigreerden naar Amerika, brachten ze de Sinterklaastraditie met zich mee. Daar raakte Sinterklaas beïnvloed door andere figuren, met name de Britse Father Christmas. Father Christmas was eveneens een oude man met baard, maar hij bracht geen cadeautjes. Hij moedigde volwassen voornamelijk aan lekker veel te eten en drinken. De Rivington’s Gazette, een krant uit New York, meldde op 23 december 1773 als een van de eerste de transformatie van Sinterklaas: ‘Last Monday, the anniversary of St. Nicholas, otherwise called Santa Claus, was celebrated at Protestant Hall, at Mr. Waldron’s; where a great number of sons of the ancient saint, the Sons of Saint Nicholas, celebrated the day with great joy and festivity.’ Santa’s populariteit werd verder verspreid door het boek A History of New York from the Beginning of the World to the End of the Dutch Dynasty. In dit satirische werk van Washington Irving uit 1809 wordt de geschiedenis van New York verteld met speciale aandacht voor de Nederlandse oorsprong. In dit boek beschreef Irving Sint Nicolaas als een gezellige pijproker zonder bisschopstenue, die cadeautjes afleverde door de schoorsteen.

Er zijn een aantal belangrijke momenten aan te wijzen waarbij Santa Claus de figuur werd die wij vandaag de dag kennen. In 1823 werd het gedicht ‘A visit from St. Nicolas’ gepubliceerd, dat beter bekend staat als: ‘The night before Christmas’, dat later werd het toegeschreven aan Clement Clarke Moore. In dit gedicht wordt St. Nicolas, of St. Nick, omschreven als de Kerstman die we nu kennen, inclusief slee en rendieren. Twee van de rendieren hebben Nederlandsklinkende namen: ‘Dunder and Blixem’ (nu meestal Donner en Blitzen genoemd). Santa landde op het dak, daalde af door de schoorsteen en stopte de cadeautjes in de sokken die aan de haard hingen. St. Nick zag er gezellig uit: ‘He had a broad face, and a little round belly / That shook when he laugh’d, like a bowl full of jelly / He was chubby and plump, a right jolly old elf’.

Latere belangrijke momenten in de ontwikkeling van Santa Claus zijn onder andere de 19e eeuwse tekeningen van Thomas Nast. Nast tekende Santa Claus vanaf 1863 voor het tijdschrift Harper’s Weekly. Hij wordt ook aangewezen als de bedenker van de Noordpool als Santa’s woonplaats. Verder werd hij duidelijk beïnvloed door het uiterlijk dat Moore aan Santa in zijn gedicht had gegeven.

In de jaren dertig van de vorige eeuw zocht de marketingafdeling van Coca Cola naar een manier om de verkoop van hun drankje in de winter een impuls te geven en tegelijkertijd kinderen aan te spreken. Santa Claus, een kindervriend en symbool van de winter, bleek de perfecte man hiervoor. Ze gaven Haddon Sundblom de opdracht om Santa Claus te verwerken in de advertenties van Coca Cola. De website van Coca Cola verklaart waar Sundblom de inspiratie voor het uiterlijk van Santa Claus vandaan haalde: ‘For inspiration, Sundblom turned to Clement Clark Moore’s 1822 poem ” A Visit From St. Nicholas” (…) Moore’s description of St. Nick led to an image of a warm, friendly, pleasantly plump and human Santa. (And even though it’s often said that Santa wears a red coat because red is the color of Coca-Cola, Santa appeared in a red coat before Sundblom painted him.)’ De commercialisering van Santa was niet nieuw, eind negentiende eeuw gebruikten warenhuizen in de VS de steeds populairder wordende Santa al als reclame rond kerst, maar deze advertenties hadden niet het bereik dat Coca Cola wel had. Coca Cola heeft de moderne Santa Claus dus niet gecreëerd, maar door het bereik van deze reclamecampagne werd Santa Claus internationaal herkenbaar en was de amerikanisering van Sinterklaas compleet.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Eindeloos Decembernummer!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Koninklijke slippertjes? Het DNA van Richard III

De beruchte Richard III

Juliëtte van den Hil – “DNA-onderzoek werpt nieuw licht op geschiedenis Engels koningshuis”, zo kopten enkele websites deze week. De aanleiding was het DNA-onderzoek dat was verricht op de (vermoedelijke) overblijfselen van Richard III, die in 2012 waren teruggevonden onder een parkeerterrein in Leicester. De Engelse koning was in 1485 tijdens de Slag bij Bosworth door Henry Tudor verslagen en haastig begraven onder een kerk in Leicester, die helaas de Reformatie niet overleefde. Het DNA-onderzoek moest uitkomst bieden over zijn identiteit. Dat deed het, en meer. ‘Nieuw licht’ is echter, op basis van het rapport zelf, een wat voorbarige conclusie.

Het DNA onderzoek richtte zich op twee verschillende lijnen: het zogenaamde mitonchondriale DNA (de vrouwelijke afstamming) en het Y-chromosoom. Beiden zijn stukjes DNA die uitsluitend van moeder op dochter of van vader op zoon overgaan. De combinatie van een zeker mitochondriaal en Y-chromosaal DNA is uniek voor ieder persoon, en dus ook voor Richard III.

Het probleem is dat je dan wel moet weten welke stukjes DNA Richard zou moeten hebben. Helaas bestaat er geen databank van historisch DNA, dus de enige manier om eraan te komen, is door vergelijking met het DNA van een nog levende nazaat. Nu vraag je sowieso de koningin niet even om een wangslijmmonster, maar daarnaast is de genealogische afstamming tussen Richard en haarzelf zodanig verwaterd (dan wel twijfelachtig) dat haar DNA weinig uitkomst zou bieden. De oplossing? Ouderwets archiefwerk.

Een deel van deze herculeaanse opdracht was al in 2003 gedaan door John Ashdon-Hill in een poging om de overblijfselen van een zus van Richard, Margaret of York, te identificeren. Hij slaagde erin de vrouwelijke afstammingslijn van Cecily Neville, Richards moeder, te volgen door middel van testamenten, bevolkingsregisters, grafstenen en dagboekfragmenten tot hij bij Joy Ibsen uitkwam, een Amerikaanse vrouw die geen idee had van haar koninklijke afkomst. Ibsen overleed niet veel later, maar had gelukkig een zoon, de laatste met dat specifieke stukje DNA, die bereid was om een monster af te staan. Het bleek een perfecte match met dat van Richard.

Cecille Neville was dus zeker zijn moeder, maar de mannelijke afstammingslijn gooide roet in het eten. Richard had maar één zoon, die ook nog eens jong stierf. Daarom werd zijn DNA vergeleken met dat van de afstammelingen van de 5th Duke of Beaufort (18e eeuw) met wie hij een gezamenlijke voorvader via de mannelijke lijn had: koning Edward III. Dat DNA kwam niet overeen. Conclusie: of ergens tussen Edward III en Richard, of tussen Edward en de huidige afstammelingen, is er een bastaard door de mazen van de afstammingslijn geglipt.

Het onderzoek nodigt uit tot speculeren. Zo rustte de claim op de troon van Henry Tudor bijvoorbeeld gedeeltelijk op zijn afstamming van Edward III via John of Gaunt, waarover regelmatig het gerucht ging dat hij ‘van de melkboer’ was. Ook koning Edward IV, Richards broer, werd er vaak van beschuldigd een bastaard te zijn – als we Philippa Gregory geloven, zelfs door zijn eigen moeder (en die kan het, hopelijk,  weten). DNA-onderzoek als dit kan een aanwijzing zijn dat die beschuldigingen niet geheel ongegrond waren. Daar staat echter tegenover dat tussen Edward III en de huidige afstammelingen zo’n 24 generaties zitten: genoeg tijd voor een slippertje of twee in de zeventiende, achttiende of negentiende eeuw.

Het onderzoek laat dus de mogelijkheden, maar ook de beperkingen van DNA voor de geschiedschrijving zien. Voor een historische aardverschuiving is het dus nog wat te vroeg.

Het onderzoek is na te lezen op: http://www.nature.com/ncomms/2014/141202/ncomms6631/full/ncomms6631.html#supplementary-information

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized