De sprong naar vrijheid? Het ongelukkige lot van Conrad Schumann

Door Lisa Tiggelman – Een van de bekendste foto’s uit het Koude-Oorlogtijdperk is die van de jonge Oost-Duitse soldaat die zijn sprong naar de vrijheid maakt. Op 15 augustus 1961 waagde de 19-jarige Hans Conrad Schumann een geslaagde poging om uit Oost-Berlijn te ontsnappen. Een daad die hem de rest van zijn leven zou blijven achtervolgen. Aan Westerse zijde werd hij na de bouw van de Muur gezien als personificatie van vrijheid en werden hij en zijn beroemde foto gebruikt voor propagandadoeleinden. Voor de Oosterse zijde was Schumann een verrader, iemand die zijn land, zijn medesoldaten en familie had verraden. Achter de propagandabeelden schuilt echter veel meer: wie was dit jonge icoon eigenlijk?

Met zijn 19 jaar stond Hans die zomerdag in Berlijn voor een keuze die groter was dan wij in ons leven waarschijnlijk ooit zullen hoeven maken. Hij was nog jong toen de Tweede Wereldoorlog eindigde en woonde op de schapenboerderij van zijn vader in Saksen – een gebied in Oost-Duitsland dat werd bezet door de Sovjets. Als soldaat was hij het Westen gaan zien als een bedreiging voor zijn socialistische vaderland, maar toen hij twee dagen na de start van de bouw van de Muur aan het patrouilleren was, zag hij iets dat dit vertrouwde beeld deed wankelen. Er zijn meerdere versies van dit gedeelte van het verhaal: bij de ene zag hij een klein huilend jongetje door Oost-Duitse soldaten hardhandig weggesleurd worden van de Muur, bij de andere zag hij onschuldige West-Berlijnse demonstranten die door hun oostelijke stadgenoten bestreden werden met waterkanonnen. Het kwam er in ieder geval op neer dat de gebeurtenis hem deed beseffen dat hij niet de rest van zijn leven ‘als een vogel in een kooi wilde doorbrengen’. En zo begon hij zijn ontsnapping voor te bereiden.

De fotograaf Peter Leibing hield Schumann de hele dag al in de gaten. Hij hoopte op een sprong, op een spectaculaire foto, maar de soldaat had zo lang gewacht dat Leibing de hoop eigenlijk al had opgegeven. Rond 4 uur ’s middags had Schumann echter al zijn moed bijeengeraapt en waagde toch de sprong. Door de handmatige sluiter had Leibing maar één kans, maar door zijn ervaring als fotograaf bij paardenspringwedstrijden wist hij precies het juiste moment te kiezen en slaagde hij erin de iconische foto te maken.

Schumann was de eerste van de Nationale Volksarmee die vluchtte, maar geschat wordt dat 2700 Oost-Duitse soldaten en politieagenten zijn voorbeeld zouden volgen. Schumann zelf besloot na zijn vluchtactie in Beieren te gaan wonen, waar hij later ook zijn vrouw Kunigunde zou trouwen en 30 jaar in een Audi-fabriek lopendebandwerk zou verrichten. Hoewel Schumann de Duitse Democratische Republiek was ontvlucht, zou hij er nooit helemaal afstand van kunnen nemen. Hij kampte met schuldgevoelens jegens zijn familie. Dit zorgde ervoor dat hij in een diepe depressie terechtkwam. Niets van de opbrengsten van zijn bekende foto zijn naar hem of zijn familie gegaan en de West-Duitse regering probeerde constant informatie van hem te verkrijgen die hij helemaal niet bezat.

Daarbij ontving hij veel brieven van de Stasi , de binnenlandse veiligheids- en inlichtingendienst van de DDR, die zogenaamd van zijn familie zouden zijn. Met deze veelgebruikte techniek probeerde de Stasi ervoor te zorgen dat Schumann terug zou keren naar Oost-Duitsland. In de brieven vertelde zijn familie dat het veilig was om terug te keren en hoeveel ze hem misten. Ondanks de brieven keerde Schumann pas na de val van de Muur, 28 jaar na zijn ontsnapping, terug naar zijn geboortestreek. Hier werd hij ontvangen met gemengde reacties: zijn familie was natuurlijk blij hem te zien, maar veel anderen wilden niets met hem te maken hebben. Zelfs nu de Koude Oorlog voorbij was noemden mensen hem een landverrader. Eenzaam kampend met een zware depressie en een alcoholverslaving pleegde Schumann in 1998 zelfmoord in de bossen bij zijn huis, waar zijn vrouw hem vond nadat hij zich aan een boom had opgehangen.

De jonge soldaat die in 1961 hoopte een beter leven tegemoet te ‘springen’, heeft zijn hele leven moeten omgaan met de consequenties van zijn daad. Hoewel hij werd gezien als held van de vrije wereld en (ongevraagd) in de schijnwerpers stond, heeft hij nooit echt voordeel kunnen halen uit deze positie. Integendeel: hij voelde zich naar eigen zeggen ‘squeezed like a lemon’ door de Duitse regering en de Stasi, die hem constant lastigviel met psychologische technieken die waarschijnlijk grote invloed op hem hadden. Mede door zijn depressie heeft hij nooit van zijn faam kunnen genieten en beëindigde hij zijn leven door zelfmoord. Hij is er in ‘het vrije Westen’ in elk geval niet makkelijk vanaf gekomen.

Advertenties

Over de Muur

Juliëtte van den Hil – Waar tegenwoordig vooral ímmigratie als probleem wordt gezien, was voor de DDR émigratie juist een doorn in het oog. Vanaf 1957 werd een verhuizing naar het Westen daarom als Republikflucht aangeduid, een term die, niet geheel toevallig, veel weg had van de Duitse term voor deserteurs, die Fahnenfluchters werden genoemd. Hoewel de Muur een effectiever middel tegen leegloop bleek te zijn dan semantiek, was het voor de creatieveling nog steeds mogelijk de DDR te verlaten. Met methoden die varieerden van zo-eenvoudig-dat-het-werkt tot ronduit diabolisch, wisten Oost-Duitsers de Muur over te gaan.

Conrad Schumann, bijvoorbeeld, sprong gewoon over de Muur heen; een foto die de hele wereld overging. Toegegeven, op dat moment, 15 augustus 1961, was de constructie van de Muur pas drie dagen onderweg en reikte het prikkeldraad waaruit de afscheiding bestond ongeveer tot zijn knieën, de geschiedenisboekjes haalde hij er echter wel mee. (Lees op pagina 3 meer over die heldhaftige daad.)

Toen de Muur eenmaal stond, moest je van betere huize komen om jezelf aan de andere kant te krijgen. Het hielp als je een beetje lenig was: zo gebruikte Horst Klein, in het dagelijks leven acrobaat, een elektriciteitskabel om naar de overkant te lopen (!). Hij viel er uiteindelijk af, maar gelukkig pas toen hij al boven West-Berlijn liep. Voor de minder lenigen was brute kracht een oplossing. Met de Meivieringen op komst zag de jonge soldaat Wolfgang Engels zijn kans schoon. De vieringen zouden namelijk gepaard gaan met een hoop militair machtsvertoon, waaronder een parade van tanks. U voelt ‘m aankomen: Engels stal een tank en probeerde zo dwars door de Muur heen te rijden. Dat was helaas makkelijker gezegd dan gedaan. De man had namelijk geen idee hoe je een tank moest besturen en wist op het moment suprême het gaspedaal niet te vinden, met als gevolg dat de tank uiteindelijk met z’n neus in het Westen en z’n kont in het Oosten van Berlijn tot stilstand kwam. Onder geweerschoten van Oost-Duitsers werd Engels uiteindelijk door Westerse soldaten uit de tank gehesen. Missie (ongeveer) geslaagd.

De checkpoints boden ook mogelijkheden om de DDR te verlaten. Bij Checkpoint Charlie bleek ‘gewoon doorrijden’ het devies. Zo kwam Heinz Meixner erachter dat de afscheiding achter het checkpoint bestond uit een metalen stang die op een bepaalde hoogte hing. Hij huurde een Austin-Healey convertible, sloopte het windscherm eraf zodat de auto precies een paar centimeter onder die fatale hoogte zat, verborg zijn vriendin en schoonmoeder in de kofferbak en reed rustig naar de grens. Toen de grenswachters aanstalten maakten om de auto – grondig – te checken, trapte hij het gaspedaal vol in en reed zo onder de metalen stang door. Enkele maanden later flikte iemand precies dezelfde truc; naar verluid nog met hetzelfde soort auto ook. Dat was voor de grenswacht de aanleiding om aan de horizontale stang ook enkele verticale spijlen toe te voegen.

De grens tussen Oost en West was echter niet voor iedereen hermetisch gesloten. Sommige mensen hadden reisprivileges, bijvoorbeeld uit hoofde van hun beroep of nationaliteit. Een aantal mannen met een lidmaatschap van de Playboyclub in München maakten daar handig gebruik van. In plaats van hun paspoort lieten ze hun ledenkaart bij de grens zien: de pas leek zoveel op een diplomatiek paspoort dat ze zonder problemen Oost-Berlijn konden verlaten. Een andere man, wier vriendin vast zat in Oost-Berlijn, nam drastischer maatregelen. Hij zocht een vrouw in West-Berlijn die voldoende leek op zijn vriendin, kreeg haar zover dat ze voor hem viel, overtuigde haar een weekend aan de andere kant van de Muur door te brengen en stal eenmaal daar haar persoonsbewijzen om zijn vriendin mee terug te kunnen nemen. Het voorstel voor een “gezellig weekendje Oost-Berlijn” had misschien het eerste teken moeten zijn voor die arme vrouw dat iets niet helemaal in de haak was.

Of de methode nu over, onder of door de Muur heen was, met uitzondering van de Austin-Healey truc waren geen twee ontsnappingspogingen hetzelfde. Velen slaagden in hun opzet. Tussen 1961 en 1989 wisten naar schatting vijfduizend mensen het Westen te bereiken.